VHD / RHD (Calicivirus)

VHD / RHD (Viral Haemorrhagic Disease / Rabbit Haemorrhagic Disease)

RHD is een zeer besmettelijke en vaak dodelijke ziekte bij konijnen die veroorzaakt wordt door een calicivirus. Dit calicivirus veroorzaakt bij katten het FCV (Feline calicivirus).

Van het VHD-virus zijn twee varianten bekend: het RHD1- en het RHD2-virus.
Het is belangrijk te weten welke virusvariant verantwoordelijk is voor een uitbraak/sterfgeval. Voor beide varianten zijn inmiddels vaccinaties voorhanden. Neem contact op met je dierenarts voor meer informatie over deze vaccins.
Een konijn dat geïnfecteerd is met de klassieke variant (RHD1) zal veelal binnen 24-48 uur sterven.
Bij RHD2 bedraagt deze termijn gemiddeld 3-5 dagen.
Het virus verspreidt zich door direct contact tussen konijnen, maar ook via ontlasting, insecten (als muggen en vliegen) en besmet materiaal (als kooien en drinkflesjes). Ook vers geplukt gras uit besmet milieu kan virus bevatten, dus wees voorzichtig wanneer je vers gras aan je konijn geeft. Bij twijfel geef je liever geen vers geplukt gras.

SymptomenRHD / VHD Calicivirus

depressief en suf
niet meer willen eten
benauwdheid en koorts
zenuwverschijnselen
bloed bij de ontlasting (inwendige bloedingen in darmen)
pijn (tandenknarsen en zelfs schreeuwen)
in het laatste stadium van de ziekte zie je vaak schuimige bloederige neusuitvloeiing
plotselinge sterfte binnen 1 – 2 dagen na besmetting

Diagnose

wordt meestal gesteld aan de hand van een klinisch onderzoek en het verloop van het ziekteproces. Vanwege het snelle verloop van de ziekte heeft de eigenaar vaak echter pas te laat in de gaten dat het diertje ziek is en is hulp helaas te laat

Behandeling

Virussen zijn helaas niet te behandelen met antibiotica. Het enige dat je kunt doen is eventueel secundaire infecties symptomatisch bestrijden met antibiotica en ontstekingsremmer / pijnstiller. Warmte, NaCI – infuus, rust, dwangvoeding en extra vitamines zijn de enige opties die men heeft om te proberen het zieke konijn er weer bovenop te krijgen

Prognose

Hoe goed de zorg van de eigenaar ook zal zijn, de prognose is meestal slecht mede door het snelle verloop van de ziekte

Preventie

De beste preventie is uiteraard voorkomen dat het konijn besmet raakt. Jaarlijkse vaccinatie (konijnen kunnen vanaf 5 weken leeftijd worden gevaccineerd), goede hygiene (met name in de warmere maanden), insectenwerende maatregelen (horrengaas, klamboe)

 

De faculteit Diergeneeskunde in Utrecht adviseert de volgende maatregelen om verspreiding te beperken

a) ruimtes waar mogelijke besmette konijnen zijn geweest dienen grondig gereinigd te worden met water en zeep en daarna gedesinfecteerd te worden. Voorbeelden van bruikbare desinfectiemiddelen zijn onder andere Virkon-S® en natriumhypochloriet. Deze zijn te koop bij dierenspeciaalzaken, agrarische winkels etc. Uw dierenarts kan u hierover ook adviseren
b) voer geen (vers) gras of groente van buiten (moestuin) aan uw konijn. Kijk ook uit met het voeren van hooi of kuilvoer waarvan u vermoedt dat wilde konijnen er bij kunnen zijn gekomen
c) voorkom direct contact van uw konijn met konijnen uit het wild. Als er wilde konijnen in de buurt van uw huis voorkomen kunt u overwegen om uw konijn (tijdelijk) binnen te huisvesten. Neem ook geen zieke konijnen uit het wild mee naar huis
d) goede (hand)hygiëne is belangrijk om verspreiding van het virus te beperken; was uw handen extra goed met water en zeep vóór en na het voeren en verzorgen van uw konijn
e) pas op met besmette konijnenveldjes (besmet met urine van wilde konijnen). Via uw schoeisel kan het virus verspreid worden. Houdt u uw konijnen binnen? Wissel van schoeisel bij het naar binnen gaan. Houdt u uw konijnen buiten, bijvoorbeeld in een ren in de tuin? Dan kunt u daar het beste andere schoenen dragen dan dat u op straat draagt. Laat uw konijnen in ieder geval niet in contact komen met schoeisel waarmee u over mogelijk besmet terrein heeft gelopen

 

Bronvermelding AltiCure.nl